Wat zijn de Nederlandse boetes bij het niet keuren van arbeidsmiddelen? - Nieuwhuis Opleidingen

    Inloggen

    Wachtwoord opvragen

    Wat zijn de Nederlandse boetes bij het niet keuren van arbeidsmiddelen?

    Offerte aanvragen
    Cursus VOL-VCA opleiding preventiemedewerker nieuwhuis opleidingen

    In Nederland kan het niet (tijdig) keuren van arbeidsmiddelen resulteren in aanzienlijke boetes, opgelegd door de Inspectie SZW (voorheen Arbeidsinspectie). Deze boetes zijn gebaseerd op de Arbowet en gerelateerde besluiten, waarbij de bedragen kunnen oplopen tot duizenden euro’s afhankelijk van de ernst van de overtreding en het type arbeidsmiddel. Werkgevers zijn wettelijk verplicht om arbeidsmiddelen regelmatig te laten keuren om de veiligheid van werknemers te waarborgen en financiële sancties te voorkomen.

    Wat zijn de Nederlandse boetes bij het niet keuren van arbeidsmiddelen?

    In Nederland kunnen de boetes voor het niet (tijdig) keuren van arbeidsmiddelen variëren van €540 tot €4.500 per overtreding, afhankelijk van de ernst en de grootte van het bedrijf. Deze boetes worden opgelegd door de Inspectie SZW en zijn gebaseerd op de Arbowet en het Arbeidsomstandighedenbesluit, specifiek artikel 7.4a, derde lid, waarin de keuringsplicht voor arbeidsmiddelen is vastgelegd.

    Bij herhaalde overtredingen kunnen de boetebedragen zelfs verdubbelen. In ernstige gevallen, vooral wanneer er sprake is van direct gevaar voor werknemers, kan de Inspectie SZW het werk stilleggen tot de situatie is verholpen, wat tot aanzienlijke bedrijfsverliezen kan leiden.

    De wettelijke grondslag voor deze boetes ligt in de Arbowet, die werkgevers verplicht om voor een veilige en gezonde werkplek te zorgen. Het niet naleven van de keuringsplicht wordt gezien als een directe overtreding van deze zorgplicht, wat de basis vormt voor het opleggen van sancties.

    Welke arbeidsmiddelen moeten wettelijk gekeurd worden in Nederland?

    In Nederland moeten verschillende categorieën arbeidsmiddelen volgens de wet regelmatig gekeurd worden. Deze omvatten:

    • Elektrische arbeidsmiddelen – volgens de NEN 3140 norm, waaronder handgereedschap, kantoorapparatuur en machines
    • Hijs- en hefmiddelen – volgens de EN 818, EN 13411 en EN 1492 normen, zoals takels, kranen, hijsbanden en kettingen
    • Valbeveiliging – zoals harnassen, lijnen en ankerpunten
    • Magazijnstellingen – volgens de Europese norm EN 15635
    • Ladders en trappen – volgens NEN 2484
    • Landbouw-, tuin-, park- en bouwmachines – volgens de Machinerichtlijn en het Arbobesluit
    • Persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM’s)
    • Drukapparatuur – zoals compressoren en drukvaten

    Deze arbeidsmiddelen moeten worden gekeurd omdat ze specifieke veiligheidsrisico’s met zich meebrengen. De keuringen zijn bedoeld om te controleren of de middelen nog voldoen aan de veiligheidseisen zoals vastgelegd in de verschillende normen en richtlijnen. Voor elektrische arbeidsmiddelen kunt u meer leren over de cursus NEN 3140 keurmeester elektrische arbeidsmiddelen om zelf keuringen uit te kunnen voeren.

    Hoe hoog zijn de boetes per type arbeidsmiddel bij niet-keuring?

    De boetebedragen voor het niet keuren van arbeidsmiddelen verschillen per type arbeidsmiddel en de ernst van de overtreding. Hieronder volgt een overzicht:

    • Elektrische arbeidsmiddelen (NEN 3140): €540 – €1.800 per overtreding
    • Hijs- en hefmiddelen: €1.800 – €4.500, vanwege het hogere risico op ernstige ongevallen
    • Magazijnstellingen: €1.000 – €3.000, afhankelijk van de omvang en het risico
    • Valbeveiliging: €1.800 – €4.500, gezien het directe risico op vallen van hoogte
    • Ladders en trappen: €540 – €1.800

    De boetes kunnen hoger uitvallen onder verzwarende omstandigheden, zoals:

    • Herhaalde overtredingen (verdubbeling van het boetebedrag)
    • Arbeidsongevallen die gerelateerd zijn aan het niet keuren
    • Opzettelijk negeren van eerdere waarschuwingen
    • Meerdere niet-gekeurde arbeidsmiddelen binnen één bedrijf

    Voor grotere bedrijven (meer dan 50 werknemers) kunnen de boetebedragen met 50% worden verhoogd, terwijl voor kleinere bedrijven (minder dan 5 werknemers) soms een verlaging van 50% wordt toegepast.

    Wie is verantwoordelijk voor het keuren van arbeidsmiddelen?

    De eindverantwoordelijkheid voor het keuren van arbeidsmiddelen ligt wettelijk bij de werkgever. Volgens de Arbowet moet de werkgever zorgen voor een veilige en gezonde werkomgeving, waaronder het tijdig laten keuren van alle arbeidsmiddelen die in het bedrijf worden gebruikt.

    In de praktijk kan de werkgever deze verantwoordelijkheid delegeren aan:

    • Interne keurmeesters – medewerkers die specifiek zijn opgeleid om bepaalde arbeidsmiddelen te keuren. Deze keurmeesters moeten een schriftelijke opdracht krijgen van de werkgever in verband met aansprakelijkheid.
    • Externe keuringsbedrijven – gespecialiseerde bedrijven die de keuringen professioneel uitvoeren.
    • Fabrikanten – die soms keuringsdiensten aanbieden voor hun eigen producten.

    Belangrijk is dat de keurmeester aantoonbaar deskundig moet zijn. Bij ongevallen zal de Inspectie SZW onderzoeken of de keuringen correct zijn uitgevoerd door bevoegde personen. Als dit niet het geval is, kan de werkgever alsnog aansprakelijk worden gesteld, zelfs als de keuring was uitbesteed.

    Voor specifieke arbeidsmiddelen zoals elektrische apparatuur is het essentieel dat keurmeesters goed zijn opgeleid. Werkgevers kunnen ervoor kiezen om medewerkers op te leiden tot gecertificeerde keurmeesters, wat kosteneffectief kan zijn voor bedrijven met veel te keuren apparatuur.

    Wat gebeurt er bij een inspectie van de Inspectie SZW?

    Bij een inspectie door de Inspectie SZW (voorheen Arbeidsinspectie) verloopt het proces doorgaans als volgt:

    1. Aankondiging of onaangekondigd bezoek – Inspecties kunnen vooraf worden aangekondigd, maar vinden vaak onaangekondigd plaats.
    2. Controle van documentatie – De inspecteur vraagt naar keuringsrapporten, certificaten en registraties van alle arbeidsmiddelen die keuringsplichtig zijn.
    3. Visuele inspectie – De inspecteur controleert steekproefsgewijs de arbeidsmiddelen op de werkvloer, kijkt naar keuringsstickers en de staat van onderhoud.
    4. Gesprekken met medewerkers – Om te verifiëren of zij op de hoogte zijn van de veiligheidsvoorschriften en keuringsprocedures.

    Als de inspecteur overtredingen constateert, kan het volgende gebeuren:

    1. Waarschuwing – Bij lichte overtredingen krijgt het bedrijf een termijn om de situatie te herstellen.
    2. Eis tot naleving – Een formeel document waarin staat welke maatregelen het bedrijf moet nemen binnen een bepaalde termijn.
    3. Boeterapport – Bij ernstige overtredingen stelt de inspecteur direct een boeterapport op.
    4. Stillegging van werk – Bij acuut gevaar kan de inspecteur besluiten dat het werk moet worden stilgelegd tot de situatie is verbeterd.

    Na het opstellen van een boeterapport volgt een formele procedure waarbij het bedrijf de mogelijkheid krijgt om een zienswijze in te dienen. Daarna volgt de definitieve boetebeschikking, waartegen bezwaar en beroep mogelijk is.

    Hoe vaak moeten verschillende arbeidsmiddelen gekeurd worden?

    De keuringsfrequentie verschilt per type arbeidsmiddel en is vastgelegd in verschillende normen en richtlijnen:

    • Elektrische arbeidsmiddelen (NEN 3140):
      • Handgereedschap: jaarlijks
      • Kantoorapparatuur: om de 3-5 jaar
      • Zware machines: jaarlijks
      • Apparatuur in zware omstandigheden (bouw, industrie): elke 3-6 maanden
    • Hijs- en hefmiddelen:
      • Hijsbanden en kettingen: jaarlijks
      • Kranen en takels: jaarlijks
      • Bij intensief gebruik: elke 6 maanden
    • Magazijnstellingen (EN 15635):
      • Visuele inspectie door eigen personeel: wekelijks tot maandelijks
      • Deskundige inspectie: minimaal elke 12 maanden
      • Na verplaatsing of verbouwing: direct een nieuwe keuring
    • Valbeveiliging: jaarlijks, of na een val direct herkeuren
    • Ladders en trappen: jaarlijks

    De exacte keuringsfrequentie moet worden bepaald aan de hand van de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) van het bedrijf. Bij intensief gebruik, zware omstandigheden of na reparaties kan een hogere frequentie noodzakelijk zijn.

    Hoe kunt u boetes voor het niet keuren van arbeidsmiddelen voorkomen?

    Om boetes voor het niet keuren van arbeidsmiddelen te voorkomen, kunt u de volgende maatregelen nemen:

    1. Implementeer een keuringssysteem – Zet een gestructureerd systeem op voor het bijhouden van alle keuringsplichtige arbeidsmiddelen, inclusief keuringsdata en vervaldatums.
    2. Zorg voor deskundige keurmeesters – Leid eigen medewerkers op tot gecertificeerde keurmeesters of werk samen met erkende keuringsbedrijven.
    3. Houd een keuringsregister bij – Documenteer alle keuringen zorgvuldig en bewaar de rapporten op een toegankelijke plaats.
    4. Gebruik keuringsstickers – Voorzie alle gekeurde arbeidsmiddelen van stickers met daarop de keuringsdatum en de vervaldatum van de keuring.
    5. Plan automatische herinneringen – Stel een systeem in dat tijdig waarschuwt wanneer keuringen naderen.
    6. Voer interne audits uit – Controleer regelmatig of alle arbeidsmiddelen zijn gekeurd en of de documentatie op orde is.
    7. Blijf op de hoogte van wijzigingen – Volg de actuele wet- en regelgeving via de Staatscourant, het Nederlands Normalisatie Instituut (www.nen.nl) of de website van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

    Voor elektrische arbeidsmiddelen is het volgen van een specifieke opleiding een effectieve manier om aan de eisen te voldoen en kosten te besparen. Door eigen medewerkers op te leiden tot gecertificeerde NEN 3140 keurmeesters, kunt u zelf de keuringen uitvoeren zonder afhankelijk te zijn van externe partijen. De cursus NEN 3140 keurmeester elektrische arbeidsmiddelen stelt u in staat om zelfstandig elektrische apparatuur te keuren volgens de wettelijke normen.

    Door proactief te handelen en een systematische aanpak te implementeren, kunt u niet alleen boetes voorkomen, maar ook bijdragen aan een veiligere werkomgeving voor uw medewerkers en voldoen aan uw wettelijke verplichtingen.

    Wat moet ik doen als de Inspectie SZW een boete heeft opgelegd voor niet-gekeurde arbeidsmiddelen?

    Als u een boete heeft ontvangen, controleer dan eerst of de constatering correct is. U heeft het recht om binnen twee weken een zienswijze in te dienen waarin u uw kant van het verhaal kunt toelichten. Na ontvangst van de definitieve boetebeschikking kunt u binnen zes weken formeel bezwaar maken. Zorg intussen dat u de niet-gekeurde arbeidsmiddelen direct laat keuren of buiten gebruik stelt, en implementeer een beter keuringssysteem om herhaling te voorkomen. Overweeg juridisch advies in te winnen bij substantiële boetes.

    Kan ik als kleine ondernemer een uitzondering krijgen op de keuringsplicht?

    Nee, de keuringsplicht geldt voor alle werkgevers ongeacht de bedrijfsgrootte. Wel kan de hoogte van eventuele boetes worden aangepast: voor kleine bedrijven (minder dan 5 werknemers) kunnen boetes met 50% worden verlaagd. De Inspectie SZW houdt rekening met de omvang van uw bedrijf bij het bepalen van de boete, maar niet bij de verplichting om arbeidsmiddelen te laten keuren. Veiligheid op de werkplek blijft de primaire verantwoordelijkheid van elke werkgever.

    Hoe kan ik aantonen dat mijn interne keurmeester voldoende gekwalificeerd is?

    Om de deskundigheid van uw interne keurmeester aan te tonen, moet u beschikken over geldige certificaten van erkende opleidingen voor de specifieke arbeidsmiddelen die worden gekeurd. Zorg voor een schriftelijke aanstelling waarin de bevoegdheden van de keurmeester zijn vastgelegd. Houd een portfolio bij met uitgevoerde keuringen en eventuele bijscholing. Bij een inspectie zal de Inspectie SZW deze documentatie controleren om te verifiëren of uw keurmeester inderdaad bevoegd is voor de uitgevoerde keuringen.

    Wat zijn de meest voorkomende fouten bij het keuren van arbeidsmiddelen?

    De meest voorkomende fouten zijn: onvolledig bijhouden van keuringsregisters, ontbrekende keuringsstickers op apparatuur, het niet opvolgen van afgekeurde items, keuringen door onbevoegde personen, en het missen van herkeuringen na reparaties. Ook wordt vaak de keuringsfrequentie niet aangepast aan de gebruiksomstandigheden, waarbij apparatuur in zware omstandigheden vaker gekeurd zou moeten worden. Een andere veelgemaakte fout is het niet documenteren van de gebruikte keuringsmethoden en testresultaten, wat bij een inspectie tot problemen kan leiden.

    Hoe ga ik om met arbeidsmiddelen die tijdelijk niet gebruikt worden?

    Arbeidsmiddelen die tijdelijk niet worden gebruikt, moeten duidelijk worden gemarkeerd als ‘buiten gebruik’ en fysiek worden afgezonderd om onbedoeld gebruik te voorkomen. De keuringsplicht blijft echter van kracht zolang het middel niet definitief buiten gebruik is gesteld. Voor heringebruikname moet het arbeidsmiddel opnieuw worden gekeurd als de laatste keuring is verlopen. Documenteer de periode van niet-gebruik in uw keuringsregister om bij een inspectie aan te kunnen tonen waarom bepaalde middelen tijdelijk niet gekeurd zijn.

    Welke software of tools zijn beschikbaar voor het bijhouden van keuringen?

    Er zijn diverse digitale oplossingen beschikbaar zoals CMMS-systemen (Computerized Maintenance Management Systems), speciale keuringssoftware zoals SafetyCheck, Ultimo of MaintenanceConnect, en zelfs eenvoudigere opties zoals aangepaste Excel-spreadsheets of planningstools. Deze systemen kunnen automatische herinneringen sturen voor aankomende keuringen, keuringsrapporten opslaan, en QR-codes genereren voor op keuringsstickers. Kies een systeem dat past bij de omvang van uw bedrijf en het aantal te keuren arbeidsmiddelen.

    Wat zijn de gevolgen als een werknemer gewond raakt door een niet-gekeurd arbeidsmiddel?

    De gevolgen kunnen zeer ernstig zijn. Naast de boete voor het niet keuren (die in dit geval vaak wordt verhoogd), kan de werkgever aansprakelijk worden gesteld voor de schade en letsel van de werknemer. Dit kan leiden tot hoge schadevergoedingen, verhoogde verzekeringspremies en mogelijk strafrechtelijke vervolging bij ernstige nalatigheid. De Inspectie SZW zal een diepgaand onderzoek instellen en kan het werk stilleggen. Bovendien kan de reputatieschade voor het bedrijf aanzienlijk zijn, met mogelijke gevolgen voor klantenrelaties en personeelsbehoud.