Elektrische veiligheid op de werkplek is essentieel voor bedrijven en werknemers. Als Voldoende Onderricht Persoon (VOP) draag je een belangrijke verantwoordelijkheid voor het veilig werken aan of nabij elektrische installaties. Veel VOP’ers vragen zich af of ze periodiek bijscholing moeten volgen om hun certificering te behouden. In dit artikel bespreken we of bijscholing wettelijk verplicht is, waarom het desondanks belangrijk is, en hoe je als organisatie effectieve bijscholing kunt organiseren voor je medewerkers.
Wat houdt de VOP-certificering precies in?
Een Voldoende Onderricht Persoon (VOP) is iemand die door de werkgever is aangewezen om bepaalde elektrotechnische werkzaamheden uit te voeren, zonder zelf een elektrotechnische vakbekwaamheid te bezitten. De NEN 3140-norm stelt specifieke eisen aan deze personen en de werkzaamheden die zij mogen uitvoeren.
De VOP-certificering is bedoeld voor medewerkers die regelmatig aan of in de buurt van elektrische installaties werken. Volgens de norm moeten deze werknemers voldoende op de hoogte zijn van de mogelijke gevaren die elektrische installaties met zich meebrengen. Dit is essentieel voor de elektrische veiligheid op de werkvloer.
Een VOP heeft de bevoegdheid om:
- Eenvoudige elektrotechnische werkzaamheden uit te voeren
- Te werken aan spanningsloze installaties
- Onder bepaalde voorwaarden te werken aan installaties onder spanning
- Risico’s te herkennen en veiligheidsmaatregelen toe te passen
De VOP-certificering wordt verkregen door het volgen van een cursus VOP NEN 3140 waarin deelnemers leren over elektrische risico’s, veiligheidsmaatregelen, eisen aan installaties en het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen.
Is periodieke bijscholing wettelijk verplicht voor VOP?
Strikt genomen is er geen wettelijke verplichting voor het periodiek volgen van een VOP-herhalingscursus. De Arbowet en het Arbobesluit (artikel 7.4a) stellen wel dat werkgevers verantwoordelijk zijn voor de veiligheid van werknemers bij het gebruik van arbeidsmiddelen, maar specificeren niet expliciet een herhalingsverplichting voor VOP-certificering.
Volgens de NEN 3140-norm moet een VOP wel aantoonbaar voldoende kennis hebben om zijn taken veilig uit te voeren. De werkgever is verantwoordelijk voor het beoordelen of de kennis en vaardigheden van de VOP nog up-to-date zijn. Dit is vergelijkbaar met andere veiligheidscertificeringen, zoals bij keurmeesters van elektrische arbeidsmiddelen, waar de werkgever zelf bepaalt hoe de deskundigheid op peil wordt gehouden.
Hoewel bijscholing niet expliciet verplicht is, is het wel een effectieve manier om aan te tonen dat de VOP over actuele kennis beschikt. Dit is belangrijk bij eventuele incidenten of inspecties door de Arbeidsinspectie, waarbij de werkgever moet kunnen aantonen dat de VOP inderdaad “voldoende onderricht” is.
Waarom is regelmatige bijscholing als VOP toch essentieel?
Ondanks het ontbreken van een strikte wettelijke verplichting, zijn er overtuigende redenen waarom periodieke bijscholing voor VOP’ers sterk aan te raden is:
- Kennis vervaagt: Zonder regelmatige herhaling en toepassing kunnen essentiële veiligheidsprotocollen en procedures vergeten worden
- Regelgeving evolueert: Normen en veiligheidsvoorschriften worden regelmatig bijgewerkt
- Technologische ontwikkelingen: Nieuwe apparatuur en systemen brengen nieuwe risico’s en veiligheidseisen met zich mee
- Juridische bescherming: Bij incidenten moet de werkgever kunnen aantonen dat medewerkers adequaat zijn opgeleid
- Bewustwording verhogen: Regelmatige bijscholing houdt het veiligheidsbewustzijn hoog
Net zoals bij BHV’ers, waar de Arbowet ook beperkte regels stelt over opleiding maar waar jaarlijkse herhalingscursussen sterk worden aanbevolen, is het voor VOP’ers verstandig om regelmatig hun kennis op te frissen om veilig te kunnen blijven werken.
Hoe vaak wordt VOP-bijscholing aanbevolen?
Hoewel er geen wettelijke termijn bestaat, volgt de industrie doorgaans bepaalde richtlijnen voor de frequentie van VOP-bijscholing. De meest gangbare aanbeveling is om elke 2 tot 3 jaar een herhalingscursus te volgen.
Deze termijn sluit aan bij andere veiligheidscertificeringen. Zo wordt bijvoorbeeld voor keurmeesters van elektrische arbeidsmiddelen volgens NEN 3140 geadviseerd om na 24 maanden de kennis op te frissen om op de hoogte te blijven van de geldende wet- en regelgeving.
Factoren die de optimale frequentie van bijscholing kunnen beïnvloeden zijn:
- Complexiteit van de werkzaamheden die de VOP uitvoert
- Frequentie waarmee de VOP elektrotechnische taken verricht
- Veranderingen in apparatuur of installaties op de werkplek
- Wijzigingen in relevante normen en voorschriften
- Specifieke risico’s binnen de organisatie of branche
Sommige organisaties kiezen voor een jaarlijkse opfrissessie, terwijl anderen een driejaarlijkse cyclus hanteren. Het belangrijkste is dat er een systematische aanpak is die waarborgt dat de kennis en vaardigheden van de VOP actueel blijven.
Wat komt er aan bod tijdens een VOP-herhalingscursus?
Een effectieve VOP-bijscholingscursus bevat doorgaans de volgende elementen:
- Update van de NEN 3140-norm en andere relevante regelgeving
- Herhaling van de basisprincipes van elektrische veiligheid
- Risicobeoordeling en veiligheidsmaatregelen
- Praktijkoefeningen en casestudies van incidenten
- Gebruik en inspectie van persoonlijke beschermingsmiddelen
- Veilig schakelen en het spanningsloos maken van installaties
- Nieuwe ontwikkelingen in elektrische installaties en apparatuur
De cursus biedt vaak een combinatie van theoretische kennis en praktische vaardigheden. Dit is belangrijk omdat de VOP-certificering specifiek gericht is op de praktische toepassing van veiligheidsmaatregelen in de dagelijkse werkzaamheden.
Een goed gestructureerde herhalingscursus is niet simpelweg een herhaling van de initiële opleiding, maar legt de nadruk op nieuwe ontwikkelingen en verdieping van bestaande kennis. Dit sluit aan bij het principe van “verdiepen in plaats van herhalen” dat ook bij andere veiligheidscertificeringen wordt toegepast.
Hoe organiseer je efficiënte bijscholing voor VOP’ers in je bedrijf?
Voor werkgevers en veiligheidsmanagers is het belangrijk om een systematische aanpak te ontwikkelen voor de bijscholing van VOP-medewerkers. Hier volgen enkele praktische tips:
- Maak een register van alle VOP’ers in je organisatie met daarbij de datum van hun initiële certificering en eventuele bijscholingen
- Plan bijscholing tijdig en stem deze af op de werkzaamheden en beschikbaarheid van medewerkers
- Overweeg incompany training wanneer je meerdere VOP’ers in dienst hebt – dit is vaak kostenefficiënter en kan worden toegespitst op specifieke situaties binnen je bedrijf
- Combineer bijscholing met andere verplichte veiligheidstrainingen waar mogelijk
- Documenteer alle bijscholingen zorgvuldig voor eventuele inspecties of audits
- Evalueer de effectiviteit van de bijscholing door praktijkobservaties en feedback van medewerkers
Voor grotere organisaties kan het zinvol zijn om een gestructureerd opleidingsplan op te stellen waarin VOP-bijscholing is opgenomen als onderdeel van het bredere veiligheidsbeleid. Dit zorgt ervoor dat elektrische veiligheid een integraal onderdeel wordt van de bedrijfscultuur.
Bij het selecteren van een trainingsprovider is het belangrijk te kiezen voor een aanbieder met ervaren docenten die praktijkgericht werken. De cursus VOP-certificering moet niet alleen theoretische kennis overdragen, maar ook zorgen voor direct toepasbare vaardigheden.
Hoewel periodieke VOP-bijscholing niet wettelijk verplicht is, is het een essentieel onderdeel van een effectief veiligheidsbeleid. Door regelmatig de kennis en vaardigheden van VOP’ers op te frissen, waarborg je niet alleen de veiligheid van je medewerkers, maar voldoe je ook aan de zorgplicht die je als werkgever hebt. Investeren in bijscholing is investeren in veiligheid – en dat betaalt zich altijd terug.