Periodieke en initiële keuringen zijn essentiële onderdelen van een veiligheidsbeleid voor arbeidsmiddelen op de werkplek. Het verschil zit vooral in het moment waarop ze plaatsvinden en het doel dat ze dienen. Een initiële keuring wordt uitgevoerd voordat een arbeidsmiddel voor het eerst in gebruik wordt genomen, terwijl een periodieke keuring op regelmatige tijdstippen tijdens de levensduur van het arbeidsmiddel plaatsvindt. Beide keuringen zijn wettelijk verplicht volgens de Arbowet en zorgen voor een veilige werkomgeving.
Wat is het verschil tussen periodieke en initiële keuringen?
Het fundamentele verschil tussen periodieke en initiële keuringen ligt in het tijdstip en doel van de keuring. Een initiële keuring is een eerste inspectie die wordt uitgevoerd voordat een arbeidsmiddel in gebruik wordt genomen. Deze keuring stelt vast of het arbeidsmiddel veilig is om te gebruiken en voldoet aan alle wettelijke vereisten en normen. Een periodieke keuring daarentegen is een herhaalde inspectie die op regelmatige tijdstippen wordt uitgevoerd om te controleren of het arbeidsmiddel nog steeds veilig functioneert en aan de normen voldoet.
| Aspect | Initiële keuring | Periodieke keuring |
|---|---|---|
| Tijdstip | Vóór eerste ingebruikname, na verplaatsing of na significante modificatie | Op regelmatige tijdstippen tijdens de levensduur |
| Doel | Vaststellen of arbeidsmiddel veilig is voor gebruik en voldoet aan normen | Controleren of arbeidsmiddel nog steeds veilig functioneert |
| Wettelijke basis | Arbowet artikel 7.4a | Arbowet artikel 7.4a |
| Documentatie | Uitgebreid rapport met basisgegevens en nulmeting | Keuringsrapport met vergelijking t.o.v. vorige keuringen |
Voor beide keuringen geldt dat ze moeten worden uitgevoerd door een deskundig persoon. Bij de Cursus NEN 3140 keurmeester elektrische arbeidsmiddelen leert u precies hoe u zowel initiële als periodieke keuringen correct uitvoert volgens de geldende normen.
Wanneer is een initiële keuring verplicht?
Een initiële keuring is wettelijk verplicht in verschillende situaties. Deze eerste inspectie vormt de basis voor alle toekomstige keuringen en is cruciaal voor de veiligheid op de werkplek. Een initiële keuring moet worden uitgevoerd in de volgende gevallen:
- Bij nieuwe arbeidsmiddelen voordat deze voor het eerst in gebruik worden genomen
- Na verplaatsing of verhuizing van machines of installaties
- Na significante modificaties of reparaties die invloed kunnen hebben op de veiligheid
- Bij tweedehands aangeschafte arbeidsmiddelen voordat deze in gebruik worden genomen
- Na langdurige stilstand van machines of installaties
De verplichting voor initiële keuringen is vastgelegd in de Arbowet artikel 7.4a, vijfde lid. Hierin staat dat arbeidsmiddelen door een deskundig persoon gekeurd moeten worden voordat ze in gebruik worden genomen. Voor specifieke apparatuur gelden aanvullende normen, zoals de NEN 3140 voor elektrische arbeidsmiddelen en de NEN 2484 voor ladders en trappen.
Het niet uitvoeren van een initiële keuring kan leiden tot onveilige werksituaties en is bovendien een overtreding van de Arbowet, wat kan resulteren in boetes en aansprakelijkheid bij ongevallen.
Hoe vaak moet een periodieke keuring worden uitgevoerd?
De frequentie van periodieke keuringen hangt af van verschillende factoren en kan per type arbeidsmiddel verschillen. In de Arbowet wordt aangegeven dat arbeidsmiddelen periodiek gekeurd dienen te worden, maar er wordt geen specifieke frequentie voorgeschreven. De keuringsfrequentie wordt bepaald op basis van:
- Gebruiksintensiteit: hoe vaker het arbeidsmiddel wordt gebruikt, hoe frequenter de keuring
- Werkomgeving: in een agressieve of vervuilde omgeving is vaker keuren noodzakelijk
- Risicofactoren: arbeidsmiddelen met hogere risico’s worden vaker gekeurd
- Fabrikantrichtlijnen: aanbevelingen van de fabrikant over onderhoud en inspectie
- Certificeringseisen: organisaties met VCA, ISO 45001 of ISO 9001 certificering
Voor elektrische apparaten volgens de NEN 3140 is de algemeen gehanteerde keuringsfrequentie jaarlijks. Hierbij mag afgeweken worden als de risico’s lager zijn. Zo hoeft kantoorapparatuur bijvoorbeeld maar eens in de 4 jaar gekeurd te worden.
Voor ladders, trappen en rolsteigers volgens de NEN 2484 en EN 1004 hangt de frequentie af van gebruik, deskundigheid van gebruikers en de omgeving. Wanneer uw organisatie VCA, ISO 45001 of ISO 9001 gecertificeerd is, dient u deze arbeidsmiddelen jaarlijks te keuren, zoals voorgeschreven door deze normen.
Het is belangrijk om de gekozen keuringsfrequentie vast te leggen in bijvoorbeeld een Risico Inventarisatie en Evaluatie (RI&E) en te documenteren waarom voor deze frequentie is gekozen.
Wat wordt er gecontroleerd tijdens deze keuringen?
Tijdens zowel initiële als periodieke keuringen worden diverse aspecten van arbeidsmiddelen gecontroleerd om de veiligheid en functionaliteit te waarborgen. De controle-elementen kunnen verschillen per type arbeidsmiddel, maar omvatten doorgaans:
Bij elektrische arbeidsmiddelen (NEN 3140):
- Visuele inspectie van behuizing, kabels en stekkers op beschadigingen
- Controle van de elektrische veiligheid middels isolatieweerstandsmeting
- Meting van de aardlekweerstand bij klasse I apparatuur
- Functionele test om correcte werking te verifiëren
- Controle van veiligheidsvoorzieningen zoals noodstopknoppen
Bij ladders, trappen en rolsteigers (NEN 2484, EN 1004):
- Controle op vervorming of beschadiging van constructie-elementen
- Inspectie van verbindingen, lasnaden en popnagels
- Controle van stabiliteit en stevigheid
- Verificatie van anti-slip voorzieningen
- Controle van vergrendelingen en borging
Bij machines en installaties:
- Controle van beveiligingen en afschermingen
- Verificatie van noodstopvoorzieningen
- Inspectie van bewegende delen en slijtage
- Controle van hydraulische en pneumatische systemen op lekkage
- Verificatie van waarschuwingssignalen en markeringen
Het is belangrijk om te weten dat een arbeidsmiddel volledig schoongemaakt moet zijn voor een goede keuring. Een sterk vervuild arbeidsmiddel kan niet gekeurd worden omdat er niet onder de vervuiling gecontroleerd kan worden, waar mogelijk beschadigingen verborgen kunnen zitten.
Wie mag deze keuringen uitvoeren?
Volgens de Arbowet artikel 7.4a, vijfde lid, moeten keuringen worden uitgevoerd door een “deskundig persoon, rechtspersoon of instelling”. De werkgever bepaalt zelf door wie hij zijn arbeidsmiddelen laat keuren, maar moet wel kunnen aantonen dat deze persoon of instantie deskundig is.
Voor het uitvoeren van keuringen zijn de volgende opties mogelijk:
- Externe keuringsinstantie of keuringsbedrijf
- Interne medewerker met de juiste opleiding en certificering
- Onderhoudsdienst van een leverancier
- Technische dienst van het bedrijf zelf
Voor specifieke arbeidsmiddelen gelden aanvullende eisen aan de keurmeester:
Voor elektrische arbeidsmiddelen (NEN 3140):
De keurmeester moet een opleiding tot NEN 3140 keurmeester hebben gevolgd. Een vooropleiding is niet nodig, maar enige interesse en affiniteit met elektrotechniek is een pre. Het is een misvatting dat een keurmeester eerst een opleiding tot Voldoende Onderricht Persoon (VOP) of Vakbekwaam Persoon moet hebben gevolgd.
Voor ladders, trappen en rolsteigers:
De keurmeester moet kennis hebben van de NEN 2484 en EN 1004 normen en een geschikte opleiding hebben gevolgd.
Na het positief afronden van een cursus keurmeester mag u niet alleen voor uw eigen organisatie, maar ook voor derden keuringen uitvoeren. Voor sommige specifieke keuringen, zoals bij SCIOS Scope 8 en 10 inspecties, moeten inspecteurs periodiek (om de 6 jaar) een kennistoets met succes afronden om inspectiewerkzaamheden te mogen blijven uitvoeren.
Wat zijn de gevolgen als keuringen niet worden uitgevoerd?
Het niet (tijdig) uitvoeren van verplichte keuringen kan ernstige gevolgen hebben op verschillende vlakken:
Wettelijke gevolgen:
- Overtreding van de Arbowet, wat kan leiden tot boetes van de Inspectie SZW
- Stillegging van werkzaamheden bij constatering van niet-gekeurde arbeidsmiddelen
- Verhoogde aansprakelijkheid bij ongevallen of incidenten
Veiligheidsgevolgen:
- Verhoogd risico op ongevallen door onopgemerkte defecten
- Onveilige werksituaties voor medewerkers
- Potentiële schade aan materieel, omgeving of producten
Financiële gevolgen:
- Hoge kosten bij ongevallen (letselschade, materiële schade)
- Productieverlies door ongeplande uitval van apparatuur
- Hogere verzekeringskosten of zelfs weigering van dekking
Certificeringsgevolgen:
- Afwijkingen bij audits voor VCA, ISO 45001 of ISO 9001
- Mogelijk verlies van certificeringen
- Verplichting om grote incidenten te melden aan de certificerende instantie
Voor VCA-gecertificeerde organisaties geldt bovendien dat zij bij grote incidenten, grove overtredingen van wet- en regelgeving en zware ongevallen dit ook moeten melden aan de certificerende instantie.
Hoe documenteer je keuringen correct?
Correcte documentatie van keuringen is essentieel voor het aantonen van compliance en het bijhouden van de staat van arbeidsmiddelen. Een goed keuringssysteem bevat de volgende elementen:
Basisgegevens die geregistreerd moeten worden:
- Unieke identificatie van het arbeidsmiddel (ID-nummer, serienummer)
- Datum van keuring en datum volgende keuring
- Naam en handtekening van de keurmeester
- Resultaten van de keuring, inclusief gemeten waarden
- Geconstateerde afwijkingen en genomen maatregelen
- Eindoordeel: goedgekeurd of afgekeurd
Keuringssystemen:
Welk keuringssysteem het beste bij u past hangt af van verschillende factoren zoals de grootte van uw organisatie, het aantal vestigingen en het aantal te keuren arbeidsmiddelen:
- Voor kleine organisaties met weinig arbeidsmiddelen kan een Excel-sheet volstaan
- Bij grote hoeveelheden arbeidsmiddelen is een online tool of speciaal programma aan te raden
- Moderne apparatentesters bieden vaak geïntegreerde rapportagemogelijkheden
Bewaartermijnen:
Keuringsrapporten dienen minimaal bewaard te worden tot de volgende keuring is uitgevoerd. Voor traceerbaarheid en aansprakelijkheid is het echter raadzaam om rapporten langer te bewaren, bijvoorbeeld gedurende de gehele levensduur van het arbeidsmiddel plus enkele jaren.
Keuringsstickers:
Naast de administratieve registratie is het gebruikelijk om gekeurde arbeidsmiddelen te voorzien van een keuringssticker met daarop:
- Datum van keuring
- Datum volgende keuring
- Keuringsresultaat (goedgekeurd)
- Paraaf of ID van de keurmeester
Voor het correct opzetten en implementeren van een keuringssysteem kan Nieuwhuis Consult uw organisatie ondersteunen. Tijdens onze opleidingen voor keurmeesters wordt uitgebreid aandacht besteed aan het inrichten van een goed functionerend keuringssysteem.
Door zowel initiële als periodieke keuringen correct uit te voeren en te documenteren, voldoet u niet alleen aan de wettelijke verplichtingen, maar draagt u ook bij aan een veilige werkomgeving en het voorkomen van ongevallen en uitval van apparatuur.